Vervoeging van het Duitse werkwoord warpen (hat) ⟨Bijzin⟩

De vervoeging van het werkwoord warpen (warpen) is regelmatig. De basisvormen zijn ... warpt, ... warpte en ... gewarpt hat. Het hulpwerkwoord van warpen is "haben". Er zijn echter ook tijden met het hulpwerkwoord "sein". De verbuiging vindt plaats in het Actief en wordt gebruikt als Bijzin. Voor een beter begrip zijn talloze voorbeelden van het werkwoord warpen beschikbaar. Voor oefenen en consolidatie zijn er ook gratis werkbladen voor warpen. Je kunt niet alleen warpen vervoegen, maar ook alle Duitse werkwoorden. Opmerkingen

haben
warpen
sein
warpen

regelmatig · haben

warpen

... warpt · ... warpte · ... gewarpt hat

Engels warp

/ˈvaːʁpən/ · /ˈvaːʁpt/ · /ˈvaːʁptə/ · /ɡəˈvaʁpt/

fortbewegen mit Warpanker oder Tauen

(acc.)

De eenvoudig vervoegde werkwoordsvormen in de tegenwoordige, verleden, gebiedende en aanvoegende wijs van warpen (hat)

Tegenwoordige tijd

... ich warp(e)⁵
... du warpst
... er warpt
... wir warpen
... ihr warpt
... sie warpen

Onvoltooid verleden tijd

... ich warpte
... du warptest
... er warpte
... wir warpten
... ihr warptet
... sie warpten

Imperatief

-
warp(e)⁵ (du)
-
warpen wir
warpt (ihr)
warpen Sie

Konjunktief I

... ich warpe
... du warpest
... er warpe
... wir warpen
... ihr warpet
... sie warpen

Konjunktief II

... ich warpte
... du warptest
... er warpte
... wir warpten
... ihr warptet
... sie warpten

Infinitief

warpen
zu warpen

Deelwoord

warpend
gewarpt

⁵ Alleen in informeel taalgebruik


indicatief

Het werkwoord warpen (hat) vervoegd in de aantonende wijs Actief in de tijden tegenwoordige, verleden en toekomende tijd


Tegenwoordige tijd

... ich warp(e)⁵
... du warpst
... er warpt
... wir warpen
... ihr warpt
... sie warpen

Onvoltooid verleden tijd

... ich warpte
... du warptest
... er warpte
... wir warpten
... ihr warptet
... sie warpten

Perfectum

... ich gewarpt habe
... du gewarpt hast
... er gewarpt hat
... wir gewarpt haben
... ihr gewarpt habt
... sie gewarpt haben

Volt. verl. tijd

... ich gewarpt hatte
... du gewarpt hattest
... er gewarpt hatte
... wir gewarpt hatten
... ihr gewarpt hattet
... sie gewarpt hatten

Toekomende tijd I

... ich warpen werde
... du warpen wirst
... er warpen wird
... wir warpen werden
... ihr warpen werdet
... sie warpen werden

voltooid tegenwoordige toekomende tijd

... ich gewarpt haben werde
... du gewarpt haben wirst
... er gewarpt haben wird
... wir gewarpt haben werden
... ihr gewarpt haben werdet
... sie gewarpt haben werden

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Conjunctief

De vervoeging van het werkwoord warpen (hat) in de conjunctief I en II en in de tijden tegenwoordige tijd, verleden tijd, perfectum, plusquamperfectum en toekomende tijd.


Konjunktief I

... ich warpe
... du warpest
... er warpe
... wir warpen
... ihr warpet
... sie warpen

Konjunktief II

... ich warpte
... du warptest
... er warpte
... wir warpten
... ihr warptet
... sie warpten

Voltooid Konj.

... ich gewarpt habe
... du gewarpt habest
... er gewarpt habe
... wir gewarpt haben
... ihr gewarpt habet
... sie gewarpt haben

Konj. volt. verl. t.

... ich gewarpt hätte
... du gewarpt hättest
... er gewarpt hätte
... wir gewarpt hätten
... ihr gewarpt hättet
... sie gewarpt hätten

Toekomende aanvoegende wijs I

... ich warpen werde
... du warpen werdest
... er warpen werde
... wir warpen werden
... ihr warpen werdet
... sie warpen werden

Toek. volt. aanw.

... ich gewarpt haben werde
... du gewarpt haben werdest
... er gewarpt haben werde
... wir gewarpt haben werden
... ihr gewarpt haben werdet
... sie gewarpt haben werden

Voorwaardelijke wijs II (würde)

Vervangende vormen van de Konjunktiv II worden vervoegd met "würde" als persoonsvorm.


Conjunctief II

... ich warpen würde
... du warpen würdest
... er warpen würde
... wir warpen würden
... ihr warpen würdet
... sie warpen würden

Verleden cond.

... ich gewarpt haben würde
... du gewarpt haben würdest
... er gewarpt haben würde
... wir gewarpt haben würden
... ihr gewarpt haben würdet
... sie gewarpt haben würden

Imperatief

De vervoegingsvormen in de gebiedende wijs Actief tegenwoordige tijd voor het werkwoord warpen (hat)


Tegenwoordige tijd

warp(e)⁵ (du)
warpen wir
warpt (ihr)
warpen Sie

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Infinitief/Deelwoord

De infinitieve vormen deelwoord en infinitief (met 'zu') in Actief voor warpen (hat)


Infinitief I


warpen
zu warpen

Infinitief II


gewarpt haben
gewarpt zu haben

Tegenwoordig deelwoord


warpend

Participle II


gewarpt

Vertalingen

Vertalingen van het Duitse warpen (hat)


Duits warpen (hat)
Engels warp
Russisch перемещение
Spaans moverse, warp
Frans déhaler, déplacer
Portugees movimentar
Italiaans tonneggiare, traslare
Roemeens mișcare cu ancore de warp
Hongaars warp
Pools przemieszczać
Grieks μετακίνηση
Nederlands warpen
Tsjechisch pohybovat se
Zweeds warp
Deens warpbevæge
Japans ワープ, ワープアンカーで移動
Catalaans moure
Fins warpata
Noors warpbevegelse
Baskisch warpatu
Macedonisch преместување
Slowaaks warpovať
Bosnisch pomjerati
Kroatisch pomicanje
Oekraïens переміщення
Bulgaars движение с варп анкери
Wit-Russisch варпаваць
Indonesisch menarik dengan tali, menarik dengan tambang
Vietnamees kéo bằng dây, kéo bằng thừng
Oezbeeks arqon bilan sudrab o'tkazmoq, arqon bilan tortmoq
Hindi रस्सी से खींचना, वार्प करना
Chinees 用绳索牵引, 用缆牵引
Thais ลากด้วยเชือก, ใช้เชือกลาก
Koreaans 예인하다, 줄로 끌다
Azerbeidzjaans ip ilə çəkmək
Georgisch თოკით გადაადგილება, თოკით თრევა
Bengaals ওয়ার্প করা, দড়ি দিয়ে টানানো
Albanees tërheq me litar
Marathi रस्सीने ओढणे, वॉर्प करणे
Nepalees दोरीले तान्नु, रस्सीले तान्नु
Telugu దారితో తీయడం, దారితో లాగడం
Lets vilkt ar trosēm, vilkt ar virvēm
Tamil கயிறால் இழுத்து நகர்த்துதல், வார்ப் செய்
Ests köiega tõmmata, trossiga tõmmata
Armeens թելերով տեղափոխել, թելով քաշել
Koerdisch bi rêzê çekin, bi xêl çekin
Hebreeuwsהזזה
Arabischتحريك
Perzischحرکت با وارفنکر یا طناب
Urduوارپنگ

warpen (hat) in dict.cc


Vertalingen 

Doe mee


Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.



Inloggen

Alle helden 

Definities

Betekenissen en synoniemen van warpen (hat)

  • fortbewegen mit Warpanker oder Tauen

warpen (hat) in openthesaurus.de

Betekenissen  Synoniemen 

Verbuigingsregels

Gedetailleerde regels voor vervoeging

Woordenboeken

Alle vertaalwoordenboeken

Duitse werkwoord warpen vervoegen

Overzicht van alle tijden van het werkwoord warpen (hat)


De vervoeging van het werkwoord warpen wordt online overzichtelijk weergegeven in een werkwoordschema met alle vormen in enkelvoud en meervoud, en in alle personen (1e, 2e, 3e persoon). De verbuiging van het werkwoord warpen is dus een hulpmiddel voor huiswerk, toetsen, examens, Duitse les op school, Duits leren, studie en volwasseneneducatie. Vooral voor mensen die Duits leren is het belangrijk om de juiste vervoeging en de correcte vormen (... warpt - ... warpte - ... gewarpt hat) te kennen. Meer informatie vind je op Wiktionary warpen en op warpen in de Duden.

warpen vervoeging

Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Conjunctief I Conjunctief II Imperatief
ich ... warp(e)... warpte... warpe... warpte-
du ... warpst... warptest... warpest... warptestwarp(e)
er ... warpt... warpte... warpe... warpte-
wir ... warpen... warpten... warpen... warptenwarpen
ihr ... warpt... warptet... warpet... warptetwarpt
sie ... warpen... warpten... warpen... warptenwarpen

indicatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ... ich warp(e), ... du warpst, ... er warpt, ... wir warpen, ... ihr warpt, ... sie warpen
  • Onvoltooid verleden tijd: ... ich warpte, ... du warptest, ... er warpte, ... wir warpten, ... ihr warptet, ... sie warpten
  • Perfectum: ... ich gewarpt habe, ... du gewarpt hast, ... er gewarpt hat, ... wir gewarpt haben, ... ihr gewarpt habt, ... sie gewarpt haben
  • Voltooid verleden tijd: ... ich gewarpt hatte, ... du gewarpt hattest, ... er gewarpt hatte, ... wir gewarpt hatten, ... ihr gewarpt hattet, ... sie gewarpt hatten
  • Toekomende tijd I: ... ich warpen werde, ... du warpen wirst, ... er warpen wird, ... wir warpen werden, ... ihr warpen werdet, ... sie warpen werden
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ... ich gewarpt haben werde, ... du gewarpt haben wirst, ... er gewarpt haben wird, ... wir gewarpt haben werden, ... ihr gewarpt haben werdet, ... sie gewarpt haben werden

Conjunctief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ... ich warpe, ... du warpest, ... er warpe, ... wir warpen, ... ihr warpet, ... sie warpen
  • Onvoltooid verleden tijd: ... ich warpte, ... du warptest, ... er warpte, ... wir warpten, ... ihr warptet, ... sie warpten
  • Perfectum: ... ich gewarpt habe, ... du gewarpt habest, ... er gewarpt habe, ... wir gewarpt haben, ... ihr gewarpt habet, ... sie gewarpt haben
  • Voltooid verleden tijd: ... ich gewarpt hätte, ... du gewarpt hättest, ... er gewarpt hätte, ... wir gewarpt hätten, ... ihr gewarpt hättet, ... sie gewarpt hätten
  • Toekomende tijd I: ... ich warpen werde, ... du warpen werdest, ... er warpen werde, ... wir warpen werden, ... ihr warpen werdet, ... sie warpen werden
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ... ich gewarpt haben werde, ... du gewarpt haben werdest, ... er gewarpt haben werde, ... wir gewarpt haben werden, ... ihr gewarpt haben werdet, ... sie gewarpt haben werden

Voorwaardelijke wijs II (würde) Actief

  • Onvoltooid verleden tijd: ... ich warpen würde, ... du warpen würdest, ... er warpen würde, ... wir warpen würden, ... ihr warpen würdet, ... sie warpen würden
  • Voltooid verleden tijd: ... ich gewarpt haben würde, ... du gewarpt haben würdest, ... er gewarpt haben würde, ... wir gewarpt haben würden, ... ihr gewarpt haben würdet, ... sie gewarpt haben würden

Imperatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: warp(e) (du), warpen wir, warpt (ihr), warpen Sie

Infinitief/Deelwoord Actief

  • Infinitief I: warpen, zu warpen
  • Infinitief II: gewarpt haben, gewarpt zu haben
  • Tegenwoordig deelwoord: warpend
  • Participle II: gewarpt

Opmerkingen



Inloggen