Vervoeging van het Duitse werkwoord klauen

De vervoeging van het werkwoord klauen (stelen, achteroverdrukken) is regelmatig. De basisvormen zijn klaut, klaute en hat geklaut. Het hulpwerkwoord van klauen is "haben". De verbuiging vindt plaats in het Actief en wordt gebruikt als Hoofdzin. Voor een beter begrip zijn talloze voorbeelden van het werkwoord klauen beschikbaar. Voor oefenen en consolidatie zijn er ook gratis werkbladen voor klauen. Je kunt niet alleen klauen vervoegen, maar ook alle Duitse werkwoorden. Het werkwoord behoort tot de woordenschat van het Zertifikat Deutsch of niveau B2. Opmerkingen

Video 

B2 · regelmatig · haben

klauen

klaut · klaute · hat geklaut

 Verlies van -e na een klinker 

Engels steal, nick, pinch, swipe, pilfer, snitch, bag, boost, cop, filch, half-inch, hook, knock off, palm, rip off, scrump, shoplift, snaffle, snarf, snatch

/ˈklaʊən/ · /klaʊt/ · /ˈklaʊtə/ · /ɡəˈklaʊt/

etwas entwenden, stehlen; abstauben, mitgehen lassen, entwenden, stehlen, lange Finger machen

(dat., acc.)

» Alles wurde geklaut . Engels Everything was stolen.

De eenvoudig vervoegde werkwoordsvormen in de tegenwoordige, verleden, gebiedende en aanvoegende wijs van klauen

Tegenwoordige tijd

ich klau(e)⁵
du klaust
er klaut
wir klau(e)⁵n
ihr klaut
sie klau(e)⁵n

Onvoltooid verleden tijd

ich klaute
du klautest
er klaute
wir klauten
ihr klautet
sie klauten

Imperatief

-
klau(e)⁵ (du)
-
klau(e)⁵n wir
klaut (ihr)
klau(e)⁵n Sie

Konjunktief I

ich klaue
du klauest
er klaue
wir klau(e)⁵n
ihr klauet
sie klau(e)⁵n

Konjunktief II

ich klaute
du klautest
er klaute
wir klauten
ihr klautet
sie klauten

Infinitief

klau(e)⁵n
zu klau(e)⁵n

Deelwoord

klauend
geklaut

⁵ Alleen in informeel taalgebruik


indicatief

Het werkwoord klauen vervoegd in de aantonende wijs Actief in de tijden tegenwoordige, verleden en toekomende tijd


Tegenwoordige tijd

ich klau(e)⁵
du klaust
er klaut
wir klau(e)⁵n
ihr klaut
sie klau(e)⁵n

Onvoltooid verleden tijd

ich klaute
du klautest
er klaute
wir klauten
ihr klautet
sie klauten

Perfectum

ich habe geklaut
du hast geklaut
er hat geklaut
wir haben geklaut
ihr habt geklaut
sie haben geklaut

Volt. verl. tijd

ich hatte geklaut
du hattest geklaut
er hatte geklaut
wir hatten geklaut
ihr hattet geklaut
sie hatten geklaut

Toekomende tijd I

ich werde klau(e)⁵n
du wirst klau(e)⁵n
er wird klau(e)⁵n
wir werden klau(e)⁵n
ihr werdet klau(e)⁵n
sie werden klau(e)⁵n

voltooid tegenwoordige toekomende tijd

ich werde geklaut haben
du wirst geklaut haben
er wird geklaut haben
wir werden geklaut haben
ihr werdet geklaut haben
sie werden geklaut haben

⁵ Alleen in informeel taalgebruik


  • Wer klaute den Apfel? 
  • Was klaust du da? 
  • Sie klaut manchmal im Supermarkt. 

Conjunctief

De vervoeging van het werkwoord klauen in de conjunctief I en II en in de tijden tegenwoordige tijd, verleden tijd, perfectum, plusquamperfectum en toekomende tijd.


Konjunktief I

ich klaue
du klauest
er klaue
wir klau(e)⁵n
ihr klauet
sie klau(e)⁵n

Konjunktief II

ich klaute
du klautest
er klaute
wir klauten
ihr klautet
sie klauten

Voltooid Konj.

ich habe geklaut
du habest geklaut
er habe geklaut
wir haben geklaut
ihr habet geklaut
sie haben geklaut

Konj. volt. verl. t.

ich hätte geklaut
du hättest geklaut
er hätte geklaut
wir hätten geklaut
ihr hättet geklaut
sie hätten geklaut

Toekomende aanvoegende wijs I

ich werde klau(e)⁵n
du werdest klau(e)⁵n
er werde klau(e)⁵n
wir werden klau(e)⁵n
ihr werdet klau(e)⁵n
sie werden klau(e)⁵n

Toek. volt. aanw.

ich werde geklaut haben
du werdest geklaut haben
er werde geklaut haben
wir werden geklaut haben
ihr werdet geklaut haben
sie werden geklaut haben

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Voorwaardelijke wijs II (würde)

Vervangende vormen van de Konjunktiv II worden vervoegd met "würde" als persoonsvorm.


Conjunctief II

ich würde klau(e)⁵n
du würdest klau(e)⁵n
er würde klau(e)⁵n
wir würden klau(e)⁵n
ihr würdet klau(e)⁵n
sie würden klau(e)⁵n

Verleden cond.

ich würde geklaut haben
du würdest geklaut haben
er würde geklaut haben
wir würden geklaut haben
ihr würdet geklaut haben
sie würden geklaut haben

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Imperatief

De vervoegingsvormen in de gebiedende wijs Actief tegenwoordige tijd voor het werkwoord klauen


Tegenwoordige tijd

klau(e)⁵ (du)
klau(e)⁵n wir
klaut (ihr)
klau(e)⁵n Sie

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Infinitief/Deelwoord

De infinitieve vormen deelwoord en infinitief (met 'zu') in Actief voor klauen


Infinitief I


klau(e)⁵n
zu klau(e)⁵n

Infinitief II


geklaut haben
geklaut zu haben

Tegenwoordig deelwoord


klauend

Participle II


geklaut

⁵ Alleen in informeel taalgebruik


  • Alles wurde geklaut . 
  • Dann haben sie Sachen geklaut . 
  • Hast du das Armband geklaut ? 

Voorbeelden

Voorbeeldzinnen voor klauen


  • Alles wurde geklaut . 
    Engels Everything was stolen.
  • Wer klaute den Apfel? 
    Engels Who stole the apple?
  • Was klaust du da? 
    Engels What are you stealing there?
  • Dann haben sie Sachen geklaut . 
    Engels Then they stole things.
  • Hast du das Armband geklaut ? 
    Engels Did you steal the bracelet?
  • Sie klaut manchmal im Supermarkt. 
    Engels She sometimes steals in the supermarket.
  • Man hat ihr die Handtasche geklaut . 
    Engels She had her handbag stolen.

Voorbeelden 

Vertalingen

Vertalingen van het Duitse klauen


Duits klauen
Engels steal, nick, pinch, swipe, pilfer, snitch, bag, boost
Russisch воровать, красть, своровать, стащить, стянуть, тащить
Spaans robar, afanar, bajar, birlar, choricear, hurtar, mangar, soplar
Frans voler, calotter, chaparder, chiper à, chouraver, dérober, faucher, marauder
Turks çalmak, aşırmak
Portugees roubar, fanar, furtar, gamar, surripiar
Italiaans rubare, fregare, grattare, rubacchiare, sgraffignare, sottrarre, taccheggiare
Roemeens fura, sustrage
Hongaars csen, elemel, ellop, ellopni, lop, lopni
Pools kraść, popełniać plagiat, popełnić plagiat, ukraść
Grieks κλέβω, αρπάζω
Nederlands stelen, achteroverdrukken, afpakken, gappen, jatten
Tsjechisch krást, ukrást
Zweeds sno, knycka, snatta, stjäla
Deens hugge, rapse, snyde, stjæle
Japans 盗む, くすねる, 奪う, 盗る
Catalaans robar, furtar, pispar, rampinyar
Fins varastaa, pölliä, viedä
Noors rappe, stjele, ta, kvarte
Baskisch lapurtu
Servisch oteti, ukrasti
Macedonisch крадење, плагијат
Sloveens krasti, ukrasti
Slowaaks ukradnúť, zobrať
Bosnisch oteti, ukrasti
Kroatisch oteti, ukrasti
Oekraïens викрадати, красти
Bulgaars крадец, открадване
Wit-Russisch красьці, скрасьці
Indonesisch mencuri
Vietnamees ăn trộm
Oezbeeks o'g'irlash
Hindi चुराना
Chinees 偷窃
Thais ขโมย
Koreaans 훔치다
Azerbeidzjaans çalmaq
Georgisch ქურდება
Bengaals চুরি করা
Albanees vjedh
Marathi चोरी करणे
Nepalees चोरी गर्नु
Telugu చోరీ చేయడం
Lets zagt
Tamil திருடு
Ests varastama
Armeens գողալ
Koerdisch qotîn
Hebreeuwsגניבה
Arabischسرق، اختلاس، سرقة، سَلَبَ، لطش
Perzischدزدیدن، سرقت، کش رفتن
Urduچوری، چوری کرنا

klauen in dict.cc


Vertalingen 

Doe mee


Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.



Inloggen

Alle helden 

Definities

Betekenissen en synoniemen van klauen

  • etwas entwenden, stehlen, abstauben, mitgehen lassen, entwenden, stehlen, lange Finger machen

klauen in openthesaurus.de

Betekenissen  Synoniemen 

Verbuigingsregels

Gedetailleerde regels voor vervoeging

Woordenboeken

Alle vertaalwoordenboeken

Duitse werkwoord klauen vervoegen

Overzicht van alle tijden van het werkwoord klauen


De vervoeging van het werkwoord klauen wordt online overzichtelijk weergegeven in een werkwoordschema met alle vormen in enkelvoud en meervoud, en in alle personen (1e, 2e, 3e persoon). De verbuiging van het werkwoord klauen is dus een hulpmiddel voor huiswerk, toetsen, examens, Duitse les op school, Duits leren, studie en volwasseneneducatie. Vooral voor mensen die Duits leren is het belangrijk om de juiste vervoeging en de correcte vormen (klaut - klaute - hat geklaut) te kennen. Meer informatie vind je op Wiktionary klauen en op klauen in de Duden.

klauen vervoeging

Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Conjunctief I Conjunctief II Imperatief
ich klau(e)klauteklaueklaute-
du klaustklautestklauestklautestklau(e)
er klautklauteklaueklaute-
wir klau(e)nklautenklau(e)nklautenklau(e)n
ihr klautklautetklauetklautetklaut
sie klau(e)nklautenklau(e)nklautenklau(e)n

indicatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ich klau(e), du klaust, er klaut, wir klau(e)n, ihr klaut, sie klau(e)n
  • Onvoltooid verleden tijd: ich klaute, du klautest, er klaute, wir klauten, ihr klautet, sie klauten
  • Perfectum: ich habe geklaut, du hast geklaut, er hat geklaut, wir haben geklaut, ihr habt geklaut, sie haben geklaut
  • Voltooid verleden tijd: ich hatte geklaut, du hattest geklaut, er hatte geklaut, wir hatten geklaut, ihr hattet geklaut, sie hatten geklaut
  • Toekomende tijd I: ich werde klau(e)n, du wirst klau(e)n, er wird klau(e)n, wir werden klau(e)n, ihr werdet klau(e)n, sie werden klau(e)n
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde geklaut haben, du wirst geklaut haben, er wird geklaut haben, wir werden geklaut haben, ihr werdet geklaut haben, sie werden geklaut haben

Conjunctief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ich klaue, du klauest, er klaue, wir klau(e)n, ihr klauet, sie klau(e)n
  • Onvoltooid verleden tijd: ich klaute, du klautest, er klaute, wir klauten, ihr klautet, sie klauten
  • Perfectum: ich habe geklaut, du habest geklaut, er habe geklaut, wir haben geklaut, ihr habet geklaut, sie haben geklaut
  • Voltooid verleden tijd: ich hätte geklaut, du hättest geklaut, er hätte geklaut, wir hätten geklaut, ihr hättet geklaut, sie hätten geklaut
  • Toekomende tijd I: ich werde klau(e)n, du werdest klau(e)n, er werde klau(e)n, wir werden klau(e)n, ihr werdet klau(e)n, sie werden klau(e)n
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde geklaut haben, du werdest geklaut haben, er werde geklaut haben, wir werden geklaut haben, ihr werdet geklaut haben, sie werden geklaut haben

Voorwaardelijke wijs II (würde) Actief

  • Onvoltooid verleden tijd: ich würde klau(e)n, du würdest klau(e)n, er würde klau(e)n, wir würden klau(e)n, ihr würdet klau(e)n, sie würden klau(e)n
  • Voltooid verleden tijd: ich würde geklaut haben, du würdest geklaut haben, er würde geklaut haben, wir würden geklaut haben, ihr würdet geklaut haben, sie würden geklaut haben

Imperatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: klau(e) (du), klau(e)n wir, klaut (ihr), klau(e)n Sie

Infinitief/Deelwoord Actief

  • Infinitief I: klau(e)n, zu klau(e)n
  • Infinitief II: geklaut haben, geklaut zu haben
  • Tegenwoordig deelwoord: klauend
  • Participle II: geklaut

Opmerkingen



Inloggen

* De zinnen van Nachrichtenleicht (nachrichtenleicht.de) zijn onderworpen aan de daar opgeslagen voorwaarden. Deze en het bijbehorende artikel zijn te raadplegen via de volgende links: Diskussion nach Krawallen

* De zinnen uit Wiktionary (de.wiktionary.org) zijn vrij beschikbaar onder de licentie CC BY-SA 3.0 (creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/deed.de). Sommige zijn aangepast. De auteurs van de zinnen zijn te vinden via de volgende links: 5367

* De zinnen van Tatoeba (tatoeba.org) zijn gratis beschikbaar onder de CC BY 2.0 FR (creativecommons.org/licenses/by/2.0/fr/) licentie. Sommige zijn aangepast. De auteurs van de zinnen zijn te vinden via: 8245024, 944565, 10266173, 10890883

* De synoniemen zijn deels afkomstig van OpenThesaurus (openthesaurus.de) en kunnen achteraf zijn aangepast. Ze zijn vrij beschikbaar onder de CC-BY-SA 4.0 (creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0) licentie: klauen

* De definities zijn deels afkomstig van Wiktionary (de.wiktionary.org) en kunnen achteraf zijn gewijzigd. Ze zijn vrij beschikbaar onder de CC-BY-SA 3.0 (creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0) licentie: 5367