Verbuiging van het Duitse zelfstandig naamwoord Winterurlaub met meervoud en lidwoord
De verbuiging van het zelfstandig naamwoord Winterurlaub (wintervakantie) is in het enkelvoud genitief Winterurlaub(e)s en in het meervoud nominatief Winterurlaube. Het zelfstandig naamwoord Winterurlaub wordt sterk verbogen met de uitgangen es/e. Het grammaticale geslacht van Winterurlaub is mannelijk en het bepaalde lidwoord is "der". Hier kun je niet alleen Winterurlaub verbuigen, maar ook alle Duitse zelfstandige naamwoorden. Opmerkingen ☆
Verbuiging van Winterurlaub in enkelvoud en meervoud in alle naamvallen
⁶ Alleen in verheven stijl
Definities PDF
Voorbeelden
Voorbeeldzinnen voor Winterurlaub
-
Hattest du einen schönen
Winterurlaub
?
Did you enjoy your winter holidays?
-
Im
Winterurlaub
gehe ich gerne Skifahren.
On winter vacation, I like to go skiing.
-
Viele wollen ihren
Winterurlaub
im Schnee verbringen.
Many want to spend their winter vacation in the snow.
-
Ihren
Winterurlaub
scheinen viele wegen der derzeitigen Corona-Pandemie bereits abgeschrieben zu haben.
Many seem to have already written off their winter vacation due to the current coronavirus pandemic.
-
Man kann den
Winterurlaub
auch in der Sonne, beispielsweise auf den Kanaren, verbringen.
One can also spend the winter holiday in the sun, for example, in the Canary Islands.
Voorbeelden
Vertalingen
Vertalingen van het Duitse Winterurlaub
-
Winterurlaub
winter vacation, ski holiday, winter holiday, winter holidays
зимние каникулы, зимний отпуск, отпуск зимой
vacaciones de invierno, turismo de invierno
vacances d'hiver
kış tatili
férias de inverno, vacanças de inverno
vacanze invernali, vacanza invernale
vacanță de iarnă
téli szabadság, téli vakáció
urlop narciarski, urlop zimowy, zimowy urlop
χειμερινές διακοπές
wintervakantie
zimní dovolená
skidsemester, vintersemester
vinterferie
ウィンター休暇, 冬休み
vacances d'hivern
talviloma
vinterferie
neguko oporrak
zimovanje, zimski odmor
зимски одмор
zimovanje
zimná dovolenka
zimovanje, zimski odmor
zimovanje, zimski odmor
зимова відпустка
зимен отпуск, зимна ваканция
зімовы адпачынак
liburan musim dingin
kỳ nghỉ mùa đông
qishgi ta'tili
सर्दियों की छुट्टियाँ, स्की अवकाश
冬季假期
วันหยุดฤดูหนาว
겨울 휴가, 스키 휴가
qış tətili
ზამთრის შვებულება
শীতকালীন ছুটি
pushime dimërore
हिवाळी सुट्टी
जाडो छुट्टी
శీతాకాల సెలవులు
slēpošanas brīvdienas, ziemas atvaļinājums
குளிர்கால விடுமுறை
talvepuhkus, talvevaheaeg
ձմեռային արձակուրդ
kış tatili
חופשת חורף
إجازة شتوية
تعطیلات زمستانی
سردیوں کی چھٹیاں، سکی چھٹیاں
Winterurlaub in dict.cc
Vertalingen
Doe mee
Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.
|
|
Inloggen |
Definities
Betekenissen en synoniemen van Winterurlaub- [Reisen] Urlaub im Winter, meist in Gebieten mit Möglichkeiten, Wintersport zu machen
Betekenissen Synoniemen
Zelfstandige naamwoorden
Willekeurig geselecteerde zelfstandige naamwoorden
≡ Vorschub
≡ Betstuhl
≡ Frisöse
≡ Biomilch
≡ Dribbler
≡ Oh
≡ Traktor
≡ Obstsaft
≡ Extrem
≡ Orbis
≡ Zaungast
≡ Monismus
≡ Wagentyp
≡ Luv
≡ Lader
≡ Mehltau
Woordenboeken
Alle vertaalwoordenboeken
Verbuigingsvormen van Winterurlaub
Overzicht van alle verbuigingen van het zelfstandig naamwoord Winterurlaub in alle naamvallen
De verbuiging van Winterurlaub wordt overzichtelijk weergegeven in een tabel met alle vormen in het enkelvoud en meervoud en in alle vier de naamvallen: nominatief (1e naamval), genitief (2e naamval), datief (3e naamval) en accusatief (4e naamval). Deze tabel is handig voor huiswerk, examens, Duitse les op school, studie, Duits als vreemde of tweede taal en volwasseneneducatie. De correcte verbuiging van het woord Winterurlaub is vooral belangrijk voor mensen die Duits leren. Meer informatie vind je op Wiktionary Winterurlaub en op Winterurlaub in de Duden.
Verbuiging Winterurlaub
| Enkelvoud | Meervoud | |
|---|---|---|
| Nom. | der Winterurlaub | die Winterurlaube |
| Gen. | des Winterurlaub(e)s | der Winterurlaube |
| Dat. | dem Winterurlaub(e) | den Winterurlauben |
| Acc. | den Winterurlaub | die Winterurlaube |
Verbuiging Winterurlaub
- Enkelvoud: der Winterurlaub, des Winterurlaub(e)s, dem Winterurlaub(e), den Winterurlaub
- Meervoud: die Winterurlaube, der Winterurlaube, den Winterurlauben, die Winterurlaube