Verbuiging van het Duitse zelfstandig naamwoord Präsens met meervoud en lidwoord
De verbuiging van het zelfstandig naamwoord Präsens (tegenwoordige tijd, onvoltooid tegenwoordige tijd) is in het enkelvoud genitief Präsens en in het meervoud nominatief Präsentia/Präsenzien. Het zelfstandig naamwoord Präsens wordt verbogen met de uitgangen -/tia/zien. Het grammaticale geslacht van Präsens is onzijdig en het bepaalde lidwoord is "das". Hier kun je niet alleen Präsens verbuigen, maar ook alle Duitse zelfstandige naamwoorden. Het zelfstandig naamwoord behoort tot de woordenschat van het Zertifikat Deutsch of tot niveau C2. Opmerkingen ☆
C2 · zelfstandig naamwoord · neutraal · onregelmatig · -, -
Präsens
·
Präsentia
/zien
Vreemde uitgangen Datief meervoud zonder extra 'n'
present, present tense
/ˈpʁeː.zɛns/ · /ˈpʁeː.zɛns/ · /ˈpʁeː.zɛn.ti.a/
[Sprache] Zeitform, die, aus Sicht des Sprechers, ein Geschehen als gegenwärtig bezeichnet; Gegenwart, Jetzt
» Dieser Satz steht im Präsens
. This sentence is in the present tense.
Verbuiging van Präsens in enkelvoud en meervoud in alle naamvallen
Voorbeelden
Voorbeeldzinnen voor Präsens
-
Dieser Satz steht im
Präsens
.
This sentence is in the present tense.
-
Die Änderung des Vokals im
Präsens
ist durch entsprechende Formen angegeben.
The change of the vowel in the present is indicated by corresponding forms.
-
Im Deutschen kann man das
Präsens
ungestraft futurisch verwenden.
In German, one can use the present tense futuristically without punishment.
-
So wurde das Präteritum, also die einfache Vergangenheitsform, das längst aus der Umgangssprache verschwunden war, durch ein erzählendes
Präsens
oder durch das zusammengesetzte Perfekt ersetzt.
Thus, the preterite, that is, the simple past tense, which had long since disappeared from colloquial speech, was replaced by a narrative present or by the compound perfect.
Voorbeelden
Vertalingen
Vertalingen van het Duitse Präsens
-
Präsens
present, present tense
настоящее время, настоя́щее вре́мя, пре́зенс, презенс
presente
présent
şimdiki zaman
presente
presente
prezent
jelen idő, jelen
czas teraźniejszy
ενεστώτας, παρόν
tegenwoordige tijd, onvoltooid tegenwoordige tijd, presens
prézens, přítomnost, přítomný čas
nutid, presens
nutid, præsens
現在, 現在形
present
preesens
nåtid
orainaldia
sadašnjost, презент, садашње време
презент, сегашно време
sedanjik, sedanji čas
prítomný čas
sadašnjost
sadašnjost
теперішній час
настояще
цяперашні час
masa kini
thời hiện tại
hozirgi zamon
वर्तमान काल
现在时
กาลปัจจุบัน
현재 시제
indiki zaman
ამჟამინდელი დრო
বর্তমান কাল
koha e tashme
वर्तमान काळ
वर्तमान काल
ప్రస్తుత కాలం
tagadējais laiks
இப்போதைய காலம்
olevik
ներկա ժամանակ
demê niha
זמן הווה
الحاضر، المضارع، زمن الحاضر
حال
موجودہ زمانہ
Präsens in dict.cc
Vertalingen
Doe mee
Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.
|
|
Inloggen |
Definities
Betekenissen en synoniemen van Präsens- [Sprache] Zeitform, die, aus Sicht des Sprechers, ein Geschehen als gegenwärtig bezeichnet, Gegenwart, Jetzt
Betekenissen Synoniemen
Zelfstandige naamwoorden
Willekeurig geselecteerde zelfstandige naamwoorden
≡ Kartause
≡ Tokajer
≡ Zenit
≡ Mobile
≡ Sigle
≡ Bastei
≡ Bauplan
≡ Schaf
≡ Tierhaar
≡ Zimelie
≡ Heberin
≡ Schreier
≡ Geklüft
≡ Behagen
≡ Nitrid
≡ Paraphe
Woordenboeken
Alle vertaalwoordenboeken
Verbuigingsvormen van Präsens
Overzicht van alle verbuigingen van het zelfstandig naamwoord Präsens in alle naamvallen
De verbuiging van Präsens wordt overzichtelijk weergegeven in een tabel met alle vormen in het enkelvoud en meervoud en in alle vier de naamvallen: nominatief (1e naamval), genitief (2e naamval), datief (3e naamval) en accusatief (4e naamval). Deze tabel is handig voor huiswerk, examens, Duitse les op school, studie, Duits als vreemde of tweede taal en volwasseneneducatie. De correcte verbuiging van het woord Präsens is vooral belangrijk voor mensen die Duits leren. Meer informatie vind je op Wiktionary Präsens en op Präsens in de Duden.
Verbuiging Präsens
| Enkelvoud | Meervoud | |
|---|---|---|
| Nom. | das Präsens | die Präsentia/Präsenzien |
| Gen. | des Präsens | der Präsentia/Präsenzien |
| Dat. | dem Präsens | den Präsentia/Präsenzien |
| Acc. | das Präsens | die Präsentia/Präsenzien |
Verbuiging Präsens
- Enkelvoud: das Präsens, des Präsens, dem Präsens, das Präsens
- Meervoud: die Präsentia/Präsenzien, der Präsentia/Präsenzien, den Präsentia/Präsenzien, die Präsentia/Präsenzien