Verbuiging van het Duitse zelfstandig naamwoord Baumhaus met meervoud en lidwoord
De verbuiging van het zelfstandig naamwoord Baumhaus (boomhut) is in het enkelvoud genitief Baumhauses en in het meervoud nominatief Baumhäuser. Het zelfstandig naamwoord Baumhaus wordt sterk verbogen met de uitgangen es/äu-er. In het meervoud staat een umlaut. Het grammaticale geslacht van Baumhaus is onzijdig en het bepaalde lidwoord is "das". Hier kun je niet alleen Baumhaus verbuigen, maar ook alle Duitse zelfstandige naamwoorden. Het zelfstandig naamwoord behoort tot de woordenschat van het Zertifikat Deutsch of tot niveau B1. Opmerkingen ☆
Verbuiging van Baumhaus in enkelvoud en meervoud in alle naamvallen
Voorbeelden
Voorbeeldzinnen voor Baumhaus
-
Er will ein
Baumhaus
bauen.
He wants to build a tree house.
-
Die Kinder bauten sich ein
Baumhaus
.
The children built themselves a tree house.
-
Tom und sein Vater bauen ein
Baumhaus
.
Tom and his father are building a tree house.
-
Auch der Strom wurde in einer eigenen Leitung vom Wohnhaus zum
Baumhaus
verlegt.
The electricity was also laid in a separate cable from the house to the treehouse.
-
Tom und Maria wohnen in einem
Baumhaus
.
Tom and Mary live in a treehouse.
-
Mein
Baumhaus
ist nur über eine Strickleiter zu erreichen.
My treehouse can only be reached by a rope ladder.
-
Die Kinder haben ein kleines
Baumhaus
in der Krone des Apfelbaums im Garten.
The children have a small treehouse in the crown of the apple tree in the garden.
Voorbeelden
Vertalingen
Vertalingen van het Duitse Baumhaus
-
Baumhaus
tree house, treehouse
дом на дереве, до́мик на де́реве, дом на де́реве
casa en árbol, cabaña de árbol, cabaña en árbol, casa de árbol, caseta de árbol
cabane, cabane dans les arbres, cabane perchée, maison arboricole
ağaç ev, ağaç evi
casa na árvore
capanna su un albero, casa nell'albero, casa sugli alberi, casa sull'albero, casetta sull'albero
casa în copac
faház
domek na drzewie
δεντρόσπιτο
boomhut
dům na stromech, dům na stromě, stromový dům
trädkoja
træhus
ツリーハウス
casa de arbres
puumaja, puutalo
trehus
arbol-etxea
drvo kuća, kuća na drvetu
древесна куќа, куќа на дрво
drevesna hiša
dom na strome, stromová chata
kućica na drvetu
drvena kućica, kućica na drvetu
будинок на дереві
дървесна къща, къща на дърво
дом на дрэвах, драўляны дом
rumah pohon
nhà trên cây
daraxt uyi
पेड़ का घर
树屋
บ้านบนต้นไม้
나무 위의 집
ağac evi
ხეზე აშენებული სახლი
গাছের বাড়ি
shtëpi në pemë
झाडावरचं घर
रुखको घर
చెట్టు మీద గృహం
koku māja
மரத்தில் கட்டப்பட்ட வீடு
puumaja
ծառի տուն
mala daraxtê
בית עץ
بيت شجرة
خانه درختی
درخت کا گھر
Baumhaus in dict.cc
Vertalingen
Doe mee
Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.
|
|
Inloggen |
Definities
Betekenissen en synoniemen van Baumhaus- [Umwelt] ein Haus aus einem leichten Material, das auf einem oder mehreren Bäumen verankert ist
Betekenissen Synoniemen
Zelfstandige naamwoorden
Willekeurig geselecteerde zelfstandige naamwoorden
≡ Longline
≡ Weberin
≡ Auswurf
≡ Nife
≡ Abmarsch
≡ Ärar
≡ Miesling
≡ Zier
≡ Akrolein
≡ Vorfilm
≡ Ausland
≡ Biet
≡ Epheser
≡ Exanthem
≡ Quetzal
≡ Laubbaum
Woordenboeken
Alle vertaalwoordenboeken
Verbuigingsvormen van Baumhaus
Overzicht van alle verbuigingen van het zelfstandig naamwoord Baumhaus in alle naamvallen
De verbuiging van Baumhaus wordt overzichtelijk weergegeven in een tabel met alle vormen in het enkelvoud en meervoud en in alle vier de naamvallen: nominatief (1e naamval), genitief (2e naamval), datief (3e naamval) en accusatief (4e naamval). Deze tabel is handig voor huiswerk, examens, Duitse les op school, studie, Duits als vreemde of tweede taal en volwasseneneducatie. De correcte verbuiging van het woord Baumhaus is vooral belangrijk voor mensen die Duits leren. Meer informatie vind je op Wiktionary Baumhaus en op Baumhaus in de Duden.
Verbuiging Baumhaus
| Enkelvoud | Meervoud | |
|---|---|---|
| Nom. | das Baumhaus | die Baumhäuser |
| Gen. | des Baumhauses | der Baumhäuser |
| Dat. | dem Baumhaus(e) | den Baumhäusern |
| Acc. | das Baumhaus | die Baumhäuser |
Verbuiging Baumhaus
- Enkelvoud: das Baumhaus, des Baumhauses, dem Baumhaus(e), das Baumhaus
- Meervoud: die Baumhäuser, der Baumhäuser, den Baumhäusern, die Baumhäuser