Vervoeging van het Duitse werkwoord hinterhertragen ⟨statief passief⟩

De vervoeging van het werkwoord hinterhertragen (achterdragen) is onregelmatig. De basisvormen zijn ist hinterhergetragen, war hinterhergetragen en ist hinterhergetragen gewesen. De ablaut vindt plaats met de stamklinkers a - u - a. Het hulpwerkwoord van hinterhertragen is "haben". De eerste lettergreep hinterher- van hinterhertragen is scheidbaar. De verbuiging vindt plaats in het statief passief en wordt gebruikt als Hoofdzin. Voor een beter begrip zijn talloze voorbeelden van het werkwoord hinterhertragen beschikbaar. Voor oefenen en consolidatie zijn er ook gratis werkbladen voor hinterhertragen. Je kunt niet alleen hinterhertragen vervoegen, maar ook alle Duitse werkwoorden. Opmerkingen

onregelmatig · haben · scheidbaar

hinterher·getragen sein

ist hinterhergetragen · war hinterhergetragen · ist hinterhergetragen gewesen

 Verandering van de stamklinker  a - u - a   Umlauten in de tegenwoordige tijd 

Engels carry after, carry along

/hɪntɐˈheːɐ̯ˌtʁaːɡn̩/ · /tʁɛːkt hɪntɐˈheːɐ̯/ · /tʁuːk hɪntɐˈheːɐ̯/ · /tʁyːɡə hɪntɐˈheːɐ̯/ · /hɪntɐˈheːɐ̯ɡəˌtʁaːɡn̩/

etwas hinterhertragen

dat., acc.

» Ich habe ihm seinen Kaffee hinterhergetragen . Engels I carried his coffee after him.

De eenvoudig vervoegde werkwoordsvormen in de tegenwoordige, verleden, gebiedende en aanvoegende wijs van hinterhertragen

Tegenwoordige tijd

ich bin hinterhergetragen
du bist hinterhergetragen
er ist hinterhergetragen
wir sind hinterhergetragen
ihr seid hinterhergetragen
sie sind hinterhergetragen

Onvoltooid verleden tijd

ich war hinterhergetragen
du warst hinterhergetragen
er war hinterhergetragen
wir waren hinterhergetragen
ihr wart hinterhergetragen
sie waren hinterhergetragen

Imperatief

-
sei (du) hinterhergetragen
-
seien wir hinterhergetragen
seid (ihr) hinterhergetragen
seien Sie hinterhergetragen

Konjunktief I

ich sei hinterhergetragen
du seiest hinterhergetragen
er sei hinterhergetragen
wir seien hinterhergetragen
ihr seiet hinterhergetragen
sie seien hinterhergetragen

Konjunktief II

ich wäre hinterhergetragen
du wärest hinterhergetragen
er wäre hinterhergetragen
wir wären hinterhergetragen
ihr wäret hinterhergetragen
sie wären hinterhergetragen

Infinitief

hinterhergetragen sein
hinterhergetragen zu sein

Deelwoord

hinterhergetragen seiend
hinterhergetragen gewesen

indicatief

Het werkwoord hinterhertragen vervoegd in de aantonende wijs statief passief in de tijden tegenwoordige, verleden en toekomende tijd


Tegenwoordige tijd

ich bin hinterhergetragen
du bist hinterhergetragen
er ist hinterhergetragen
wir sind hinterhergetragen
ihr seid hinterhergetragen
sie sind hinterhergetragen

Onvoltooid verleden tijd

ich war hinterhergetragen
du warst hinterhergetragen
er war hinterhergetragen
wir waren hinterhergetragen
ihr wart hinterhergetragen
sie waren hinterhergetragen

Perfectum

ich bin hinterhergetragen gewesen
du bist hinterhergetragen gewesen
er ist hinterhergetragen gewesen
wir sind hinterhergetragen gewesen
ihr seid hinterhergetragen gewesen
sie sind hinterhergetragen gewesen

Volt. verl. tijd

ich war hinterhergetragen gewesen
du warst hinterhergetragen gewesen
er war hinterhergetragen gewesen
wir waren hinterhergetragen gewesen
ihr wart hinterhergetragen gewesen
sie waren hinterhergetragen gewesen

Toekomende tijd I

ich werde hinterhergetragen sein
du wirst hinterhergetragen sein
er wird hinterhergetragen sein
wir werden hinterhergetragen sein
ihr werdet hinterhergetragen sein
sie werden hinterhergetragen sein

voltooid tegenwoordige toekomende tijd

ich werde hinterhergetragen gewesen sein
du wirst hinterhergetragen gewesen sein
er wird hinterhergetragen gewesen sein
wir werden hinterhergetragen gewesen sein
ihr werdet hinterhergetragen gewesen sein
sie werden hinterhergetragen gewesen sein

Conjunctief

De vervoeging van het werkwoord hinterhertragen in de conjunctief I en II en in de tijden tegenwoordige tijd, verleden tijd, perfectum, plusquamperfectum en toekomende tijd.


Konjunktief I

ich sei hinterhergetragen
du seiest hinterhergetragen
er sei hinterhergetragen
wir seien hinterhergetragen
ihr seiet hinterhergetragen
sie seien hinterhergetragen

Konjunktief II

ich wäre hinterhergetragen
du wärest hinterhergetragen
er wäre hinterhergetragen
wir wären hinterhergetragen
ihr wäret hinterhergetragen
sie wären hinterhergetragen

Voltooid Konj.

ich sei hinterhergetragen gewesen
du seiest hinterhergetragen gewesen
er sei hinterhergetragen gewesen
wir seien hinterhergetragen gewesen
ihr seiet hinterhergetragen gewesen
sie seien hinterhergetragen gewesen

Konj. volt. verl. t.

ich wäre hinterhergetragen gewesen
du wärest hinterhergetragen gewesen
er wäre hinterhergetragen gewesen
wir wären hinterhergetragen gewesen
ihr wäret hinterhergetragen gewesen
sie wären hinterhergetragen gewesen

Toekomende aanvoegende wijs I

ich werde hinterhergetragen sein
du werdest hinterhergetragen sein
er werde hinterhergetragen sein
wir werden hinterhergetragen sein
ihr werdet hinterhergetragen sein
sie werden hinterhergetragen sein

Toek. volt. aanw.

ich werde hinterhergetragen gewesen sein
du werdest hinterhergetragen gewesen sein
er werde hinterhergetragen gewesen sein
wir werden hinterhergetragen gewesen sein
ihr werdet hinterhergetragen gewesen sein
sie werden hinterhergetragen gewesen sein

Voorwaardelijke wijs II (würde)

Vervangende vormen van de Konjunktiv II worden vervoegd met "würde" als persoonsvorm.


Conjunctief II

ich würde hinterhergetragen sein
du würdest hinterhergetragen sein
er würde hinterhergetragen sein
wir würden hinterhergetragen sein
ihr würdet hinterhergetragen sein
sie würden hinterhergetragen sein

Verleden cond.

ich würde hinterhergetragen gewesen sein
du würdest hinterhergetragen gewesen sein
er würde hinterhergetragen gewesen sein
wir würden hinterhergetragen gewesen sein
ihr würdet hinterhergetragen gewesen sein
sie würden hinterhergetragen gewesen sein

Imperatief

De vervoegingsvormen in de gebiedende wijs statief passief tegenwoordige tijd voor het werkwoord hinterhertragen


Tegenwoordige tijd

sei (du) hinterhergetragen
seien wir hinterhergetragen
seid (ihr) hinterhergetragen
seien Sie hinterhergetragen

Infinitief/Deelwoord

De infinitieve vormen deelwoord en infinitief (met 'zu') in statief passief voor hinterhertragen


Infinitief I


hinterhergetragen sein
hinterhergetragen zu sein

Infinitief II


hinterhergetragen gewesen sein
hinterhergetragen gewesen zu sein

Tegenwoordig deelwoord


hinterhergetragen seiend

Participle II


hinterhergetragen gewesen

  • Ich habe ihm seinen Kaffee hinterhergetragen . 

Voorbeelden

Voorbeeldzinnen voor hinterhertragen


  • Ich habe ihm seinen Kaffee hinterhergetragen . 
    Engels I carried his coffee after him.

Voorbeelden 

Vertalingen

Vertalingen van het Duitse hinterhertragen


Duits hinterhertragen
Engels carry after, carry along
Russisch носить за собой
Spaans cargar algo
Frans porter à, porter
Turks taşımak
Portugees carregar algo
Italiaans portare dietro
Roemeens purta ceva după
Hongaars hordozni
Pools nosić coś za sobą
Grieks κουβαλώ κάτι πίσω
Nederlands achterdragen
Tsjechisch nosit za sebou, následovat
Zweeds bära efter
Deens bære efter
Japans 持ち運ぶ
Catalaans carregar
Fins kantaa perässä
Noors bære etter
Baskisch atzean eramatea
Servisch nositi nešto
Macedonisch носење
Sloveens nositi za seboj
Slowaaks nosiť za sebou
Bosnisch nositi nešto
Kroatisch nositi nešto
Oekraïens нести за кимось
Bulgaars нося нещо след себе си
Wit-Russisch насіць за кімсьці
Indonesisch membawa-bawa
Vietnamees mang theo
Oezbeeks yoningda olib yurmoq
Hindi साथ लेकर चलना
Chinees 带着到处走
Thais พาไปด้วย
Koreaans 지니고 다니다
Azerbeidzjaans yanında daşımaq
Bengaals সঙ্গে নিয়ে চলা
Albanees merr me vete
Marathi सोबत घेऊन चालणे
Nepalees संगै ल्याउनु
Lets nest līdzi
Ests kaas võtta
Hebreeuwsלסחוב
Arabischحمل شيء
Perzischدنبال بردن
Urduپیچھے لے جانا، ساتھ لے جانا

hinterhertragen in dict.cc


Vertalingen 

Doe mee


Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.



Inloggen

Alle helden 

Definities

Betekenissen en synoniemen van hinterhertragen

  • etwas hinterhertragen

hinterhertragen in openthesaurus.de

Betekenissen  Synoniemen 

Verbuigingsregels

Gedetailleerde regels voor vervoeging

Woordenboeken

Alle vertaalwoordenboeken

Duitse werkwoord hinterhertragen vervoegen

Overzicht van alle tijden van het werkwoord hinterhertragen


De vervoeging van het werkwoord hinterher·getragen sein wordt online overzichtelijk weergegeven in een werkwoordschema met alle vormen in enkelvoud en meervoud, en in alle personen (1e, 2e, 3e persoon). De verbuiging van het werkwoord hinterher·getragen sein is dus een hulpmiddel voor huiswerk, toetsen, examens, Duitse les op school, Duits leren, studie en volwasseneneducatie. Vooral voor mensen die Duits leren is het belangrijk om de juiste vervoeging en de correcte vormen (ist hinterhergetragen - war hinterhergetragen - ist hinterhergetragen gewesen) te kennen. Meer informatie vind je op Wiktionary hinterhertragen en op hinterhertragen in de Duden.

hinterhertragen vervoeging

Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Conjunctief I Conjunctief II Imperatief
ich bin hinterhergetragenwar hinterhergetragensei hinterhergetragenwäre hinterhergetragen-
du bist hinterhergetragenwarst hinterhergetragenseiest hinterhergetragenwärest hinterhergetragensei hinterhergetragen
er ist hinterhergetragenwar hinterhergetragensei hinterhergetragenwäre hinterhergetragen-
wir sind hinterhergetragenwaren hinterhergetragenseien hinterhergetragenwären hinterhergetragenseien hinterhergetragen
ihr seid hinterhergetragenwart hinterhergetragenseiet hinterhergetragenwäret hinterhergetragenseid hinterhergetragen
sie sind hinterhergetragenwaren hinterhergetragenseien hinterhergetragenwären hinterhergetragenseien hinterhergetragen

indicatief statief passief

  • Tegenwoordige tijd: ich bin hinterhergetragen, du bist hinterhergetragen, er ist hinterhergetragen, wir sind hinterhergetragen, ihr seid hinterhergetragen, sie sind hinterhergetragen
  • Onvoltooid verleden tijd: ich war hinterhergetragen, du warst hinterhergetragen, er war hinterhergetragen, wir waren hinterhergetragen, ihr wart hinterhergetragen, sie waren hinterhergetragen
  • Perfectum: ich bin hinterhergetragen gewesen, du bist hinterhergetragen gewesen, er ist hinterhergetragen gewesen, wir sind hinterhergetragen gewesen, ihr seid hinterhergetragen gewesen, sie sind hinterhergetragen gewesen
  • Voltooid verleden tijd: ich war hinterhergetragen gewesen, du warst hinterhergetragen gewesen, er war hinterhergetragen gewesen, wir waren hinterhergetragen gewesen, ihr wart hinterhergetragen gewesen, sie waren hinterhergetragen gewesen
  • Toekomende tijd I: ich werde hinterhergetragen sein, du wirst hinterhergetragen sein, er wird hinterhergetragen sein, wir werden hinterhergetragen sein, ihr werdet hinterhergetragen sein, sie werden hinterhergetragen sein
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde hinterhergetragen gewesen sein, du wirst hinterhergetragen gewesen sein, er wird hinterhergetragen gewesen sein, wir werden hinterhergetragen gewesen sein, ihr werdet hinterhergetragen gewesen sein, sie werden hinterhergetragen gewesen sein

Conjunctief statief passief

  • Tegenwoordige tijd: ich sei hinterhergetragen, du seiest hinterhergetragen, er sei hinterhergetragen, wir seien hinterhergetragen, ihr seiet hinterhergetragen, sie seien hinterhergetragen
  • Onvoltooid verleden tijd: ich wäre hinterhergetragen, du wärest hinterhergetragen, er wäre hinterhergetragen, wir wären hinterhergetragen, ihr wäret hinterhergetragen, sie wären hinterhergetragen
  • Perfectum: ich sei hinterhergetragen gewesen, du seiest hinterhergetragen gewesen, er sei hinterhergetragen gewesen, wir seien hinterhergetragen gewesen, ihr seiet hinterhergetragen gewesen, sie seien hinterhergetragen gewesen
  • Voltooid verleden tijd: ich wäre hinterhergetragen gewesen, du wärest hinterhergetragen gewesen, er wäre hinterhergetragen gewesen, wir wären hinterhergetragen gewesen, ihr wäret hinterhergetragen gewesen, sie wären hinterhergetragen gewesen
  • Toekomende tijd I: ich werde hinterhergetragen sein, du werdest hinterhergetragen sein, er werde hinterhergetragen sein, wir werden hinterhergetragen sein, ihr werdet hinterhergetragen sein, sie werden hinterhergetragen sein
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde hinterhergetragen gewesen sein, du werdest hinterhergetragen gewesen sein, er werde hinterhergetragen gewesen sein, wir werden hinterhergetragen gewesen sein, ihr werdet hinterhergetragen gewesen sein, sie werden hinterhergetragen gewesen sein

Voorwaardelijke wijs II (würde) statief passief

  • Onvoltooid verleden tijd: ich würde hinterhergetragen sein, du würdest hinterhergetragen sein, er würde hinterhergetragen sein, wir würden hinterhergetragen sein, ihr würdet hinterhergetragen sein, sie würden hinterhergetragen sein
  • Voltooid verleden tijd: ich würde hinterhergetragen gewesen sein, du würdest hinterhergetragen gewesen sein, er würde hinterhergetragen gewesen sein, wir würden hinterhergetragen gewesen sein, ihr würdet hinterhergetragen gewesen sein, sie würden hinterhergetragen gewesen sein

Imperatief statief passief

  • Tegenwoordige tijd: sei (du) hinterhergetragen, seien wir hinterhergetragen, seid (ihr) hinterhergetragen, seien Sie hinterhergetragen

Infinitief/Deelwoord statief passief

  • Infinitief I: hinterhergetragen sein, hinterhergetragen zu sein
  • Infinitief II: hinterhergetragen gewesen sein, hinterhergetragen gewesen zu sein
  • Tegenwoordig deelwoord: hinterhergetragen seiend
  • Participle II: hinterhergetragen gewesen

Opmerkingen



Inloggen

* De zinnen van Tatoeba (tatoeba.org) zijn gratis beschikbaar onder de CC BY 2.0 FR (creativecommons.org/licenses/by/2.0/fr/) licentie. Sommige zijn aangepast. De auteurs van de zinnen zijn te vinden via: 10474351