Vervoeging van het Duitse werkwoord weiterfahren

De vervoeging van het werkwoord weiterfahren (doorgaan, verder rijden) is onregelmatig. De basisvormen zijn fährt weiter, fuhr weiter en ist weitergefahren. De ablaut vindt plaats met de stamklinkers a - u - a. Het hulpwerkwoord van weiterfahren is "sein". Er zijn echter ook tijden met het hulpwerkwoord "haben". De eerste lettergreep weiter- van weiterfahren is scheidbaar. De verbuiging vindt plaats in het Actief en wordt gebruikt als Hoofdzin. Voor een beter begrip zijn talloze voorbeelden van het werkwoord weiterfahren beschikbaar. Voor oefenen en consolidatie zijn er ook gratis werkbladen voor weiterfahren. Je kunt niet alleen weiterfahren vervoegen, maar ook alle Duitse werkwoorden. Het werkwoord behoort tot de woordenschat van het Zertifikat Deutsch of niveau B1. Opmerkingen

sein
weiter·fahren
haben
weiter·fahren

B1 · onregelmatig · sein · scheidbaar

weiter·fahren

fährt weiter · fuhr weiter · ist weitergefahren

 Verandering van de stamklinker  a - u - a   Umlauten in de tegenwoordige tijd 

Engels continue, drive on, proceed

/ˈvaɪ̯tɐˌfaːʁən/ · /ˈfɛːɐ̯t ˈvaɪ̯tɐ/ · /fuːɐ̯ ˈvaɪ̯tɐ/ · /ˈfyːʁə ˈvaɪ̯tɐ/ · /ˈvaɪ̯tɐɡəˈfaːʁən/

eine Fahrt fortsetzen; fortfahren

De eenvoudig vervoegde werkwoordsvormen in de tegenwoordige, verleden, gebiedende en aanvoegende wijs van weiterfahren

Tegenwoordige tijd

ich fahr(e)⁵ weiter
du fährst weiter
er fährt weiter
wir fahren weiter
ihr fahrt weiter
sie fahren weiter

Onvoltooid verleden tijd

ich fuhr weiter
du fuhrst weiter
er fuhr weiter
wir fuhren weiter
ihr fuhrt weiter
sie fuhren weiter

Imperatief

-
fahr(e)⁵ (du) weiter
-
fahren wir weiter
fahrt (ihr) weiter
fahren Sie weiter

Konjunktief I

ich fahre weiter
du fahrest weiter
er fahre weiter
wir fahren weiter
ihr fahret weiter
sie fahren weiter

Konjunktief II

ich führe weiter
du führest weiter
er führe weiter
wir führen weiter
ihr führet weiter
sie führen weiter

Infinitief

weiterfahren
weiterzufahren

Deelwoord

weiterfahrend
weitergefahren

⁵ Alleen in informeel taalgebruik


indicatief

Het werkwoord weiterfahren vervoegd in de aantonende wijs Actief in de tijden tegenwoordige, verleden en toekomende tijd


Tegenwoordige tijd

ich fahr(e)⁵ weiter
du fährst weiter
er fährt weiter
wir fahren weiter
ihr fahrt weiter
sie fahren weiter

Onvoltooid verleden tijd

ich fuhr weiter
du fuhrst weiter
er fuhr weiter
wir fuhren weiter
ihr fuhrt weiter
sie fuhren weiter

Perfectum

ich bin weitergefahren
du bist weitergefahren
er ist weitergefahren
wir sind weitergefahren
ihr seid weitergefahren
sie sind weitergefahren

Volt. verl. tijd

ich war weitergefahren
du warst weitergefahren
er war weitergefahren
wir waren weitergefahren
ihr wart weitergefahren
sie waren weitergefahren

Toekomende tijd I

ich werde weiterfahren
du wirst weiterfahren
er wird weiterfahren
wir werden weiterfahren
ihr werdet weiterfahren
sie werden weiterfahren

voltooid tegenwoordige toekomende tijd

ich werde weitergefahren sein
du wirst weitergefahren sein
er wird weitergefahren sein
wir werden weitergefahren sein
ihr werdet weitergefahren sein
sie werden weitergefahren sein

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Conjunctief

De vervoeging van het werkwoord weiterfahren in de conjunctief I en II en in de tijden tegenwoordige tijd, verleden tijd, perfectum, plusquamperfectum en toekomende tijd.


Konjunktief I

ich fahre weiter
du fahrest weiter
er fahre weiter
wir fahren weiter
ihr fahret weiter
sie fahren weiter

Konjunktief II

ich führe weiter
du führest weiter
er führe weiter
wir führen weiter
ihr führet weiter
sie führen weiter

Voltooid Konj.

ich sei weitergefahren
du seiest weitergefahren
er sei weitergefahren
wir seien weitergefahren
ihr seiet weitergefahren
sie seien weitergefahren

Konj. volt. verl. t.

ich wäre weitergefahren
du wärest weitergefahren
er wäre weitergefahren
wir wären weitergefahren
ihr wäret weitergefahren
sie wären weitergefahren

Toekomende aanvoegende wijs I

ich werde weiterfahren
du werdest weiterfahren
er werde weiterfahren
wir werden weiterfahren
ihr werdet weiterfahren
sie werden weiterfahren

Toek. volt. aanw.

ich werde weitergefahren sein
du werdest weitergefahren sein
er werde weitergefahren sein
wir werden weitergefahren sein
ihr werdet weitergefahren sein
sie werden weitergefahren sein

Voorwaardelijke wijs II (würde)

Vervangende vormen van de Konjunktiv II worden vervoegd met "würde" als persoonsvorm.


Conjunctief II

ich würde weiterfahren
du würdest weiterfahren
er würde weiterfahren
wir würden weiterfahren
ihr würdet weiterfahren
sie würden weiterfahren

Verleden cond.

ich würde weitergefahren sein
du würdest weitergefahren sein
er würde weitergefahren sein
wir würden weitergefahren sein
ihr würdet weitergefahren sein
sie würden weitergefahren sein

Imperatief

De vervoegingsvormen in de gebiedende wijs Actief tegenwoordige tijd voor het werkwoord weiterfahren


Tegenwoordige tijd

fahr(e)⁵ (du) weiter
fahren wir weiter
fahrt (ihr) weiter
fahren Sie weiter

⁵ Alleen in informeel taalgebruik

Infinitief/Deelwoord

De infinitieve vormen deelwoord en infinitief (met 'zu') in Actief voor weiterfahren


Infinitief I


weiterfahren
weiterzufahren

Infinitief II


weitergefahren sein
weitergefahren zu sein

Tegenwoordig deelwoord


weiterfahrend

Participle II


weitergefahren

Vertalingen

Vertalingen van het Duitse weiterfahren


Duits weiterfahren
Engels drive on, continue, proceed, continue to travel
Russisch поехать дальше, ехать дальше, продолжать ехать, продолжать поездку, продолжить ехать
Spaans seguir, continuar, continuar conduciendo
Frans continuer, continuer d'avancer, continuer sa route, continuer son voyage, continuer un voyage, poursuivre un voyage, repartir, reprendre la route
Turks devam etmek
Portugees continuar, continuar a viagem, prosseguir, seguir viagem
Italiaans avanzare, proseguire
Roemeens continua, continuare călătoria
Hongaars folytatni, tovább hajt, tovább megy, tovább utazik, továbbhaladni
Pools kontynuować jazdę
Grieks συνεχίζω, συνεχίζω το ταξίδι
Nederlands doorgaan, verder rijden
Tsjechisch pokračovat v jízdě, jet dále, pokračovatkročit v jízdě
Zweeds fortsätta
Deens fortsætte
Japans 続行する, 進む
Catalaans continuar, seguir
Fins jatkaa matkaa
Noors fortsette reisen, kjøre videre
Baskisch jarraitu
Servisch nastaviti putovanje, nastaviti vožnju
Macedonisch појдете понатаму
Sloveens nadaljevati vožnjo
Slowaaks pokračovať v jazde
Bosnisch nastaviti vožnju
Kroatisch nastaviti vožnju
Oekraïens продовжати їхати, продовжити поїздку, продовжувати їхати, їхати далі
Bulgaars продължавам пътуването
Wit-Russisch працягваць паездку
Indonesisch melanjutkan perjalanan
Vietnamees tiếp tục hành trình
Oezbeeks sayohatni davom ettirish
Hindi यात्रा जारी रखना
Chinees 继续旅行
Thais เดินทางต่อ
Koreaans 여행을 계속하다
Azerbeidzjaans səfəri davam etdirmək
Georgisch გაგრძელება
Bengaals যাত্রা চালিয়ে যাওয়া
Albanees vazhdo udhëtimin
Marathi यात्रा चालू ठेवणे
Nepalees यात्रा जारी राख्नु
Telugu యాత్రను కొనసాగించు
Lets turpināt braukt
Tamil யாத்திரை தொடரு
Ests jätka sõitu
Armeens շարունակել ճամփորդությունը
Koerdisch berdewam kirin
Hebreeuwsלהמשיך לנסוע
Arabischأكمل السياقة، استمرار الرحلة
Perzischادامه دادن سفر
Urduآگے بڑھنا، جاری رکھنا

weiterfahren in dict.cc


Vertalingen 

Doe mee


Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.



Inloggen

Alle helden 

Definities

Betekenissen en synoniemen van weiterfahren

  • eine Fahrt fortsetzen
  • fortfahren

weiterfahren in openthesaurus.de

Betekenissen  Synoniemen 

Verbuigingsregels

Gedetailleerde regels voor vervoeging

Woordenboeken

Alle vertaalwoordenboeken

Duitse werkwoord weiterfahren vervoegen

Overzicht van alle tijden van het werkwoord weiterfahren


De vervoeging van het werkwoord weiter·fahren wordt online overzichtelijk weergegeven in een werkwoordschema met alle vormen in enkelvoud en meervoud, en in alle personen (1e, 2e, 3e persoon). De verbuiging van het werkwoord weiter·fahren is dus een hulpmiddel voor huiswerk, toetsen, examens, Duitse les op school, Duits leren, studie en volwasseneneducatie. Vooral voor mensen die Duits leren is het belangrijk om de juiste vervoeging en de correcte vormen (fährt weiter - fuhr weiter - ist weitergefahren) te kennen. Meer informatie vind je op Wiktionary weiterfahren en op weiterfahren in de Duden.

weiterfahren vervoeging

Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Conjunctief I Conjunctief II Imperatief
ich fahr(e) weiterfuhr weiterfahre weiterführe weiter-
du fährst weiterfuhrst weiterfahrest weiterführest weiterfahr(e) weiter
er fährt weiterfuhr weiterfahre weiterführe weiter-
wir fahren weiterfuhren weiterfahren weiterführen weiterfahren weiter
ihr fahrt weiterfuhrt weiterfahret weiterführet weiterfahrt weiter
sie fahren weiterfuhren weiterfahren weiterführen weiterfahren weiter

indicatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ich fahr(e) weiter, du fährst weiter, er fährt weiter, wir fahren weiter, ihr fahrt weiter, sie fahren weiter
  • Onvoltooid verleden tijd: ich fuhr weiter, du fuhrst weiter, er fuhr weiter, wir fuhren weiter, ihr fuhrt weiter, sie fuhren weiter
  • Perfectum: ich bin weitergefahren, du bist weitergefahren, er ist weitergefahren, wir sind weitergefahren, ihr seid weitergefahren, sie sind weitergefahren
  • Voltooid verleden tijd: ich war weitergefahren, du warst weitergefahren, er war weitergefahren, wir waren weitergefahren, ihr wart weitergefahren, sie waren weitergefahren
  • Toekomende tijd I: ich werde weiterfahren, du wirst weiterfahren, er wird weiterfahren, wir werden weiterfahren, ihr werdet weiterfahren, sie werden weiterfahren
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde weitergefahren sein, du wirst weitergefahren sein, er wird weitergefahren sein, wir werden weitergefahren sein, ihr werdet weitergefahren sein, sie werden weitergefahren sein

Conjunctief Actief

  • Tegenwoordige tijd: ich fahre weiter, du fahrest weiter, er fahre weiter, wir fahren weiter, ihr fahret weiter, sie fahren weiter
  • Onvoltooid verleden tijd: ich führe weiter, du führest weiter, er führe weiter, wir führen weiter, ihr führet weiter, sie führen weiter
  • Perfectum: ich sei weitergefahren, du seiest weitergefahren, er sei weitergefahren, wir seien weitergefahren, ihr seiet weitergefahren, sie seien weitergefahren
  • Voltooid verleden tijd: ich wäre weitergefahren, du wärest weitergefahren, er wäre weitergefahren, wir wären weitergefahren, ihr wäret weitergefahren, sie wären weitergefahren
  • Toekomende tijd I: ich werde weiterfahren, du werdest weiterfahren, er werde weiterfahren, wir werden weiterfahren, ihr werdet weiterfahren, sie werden weiterfahren
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde weitergefahren sein, du werdest weitergefahren sein, er werde weitergefahren sein, wir werden weitergefahren sein, ihr werdet weitergefahren sein, sie werden weitergefahren sein

Voorwaardelijke wijs II (würde) Actief

  • Onvoltooid verleden tijd: ich würde weiterfahren, du würdest weiterfahren, er würde weiterfahren, wir würden weiterfahren, ihr würdet weiterfahren, sie würden weiterfahren
  • Voltooid verleden tijd: ich würde weitergefahren sein, du würdest weitergefahren sein, er würde weitergefahren sein, wir würden weitergefahren sein, ihr würdet weitergefahren sein, sie würden weitergefahren sein

Imperatief Actief

  • Tegenwoordige tijd: fahr(e) (du) weiter, fahren wir weiter, fahrt (ihr) weiter, fahren Sie weiter

Infinitief/Deelwoord Actief

  • Infinitief I: weiterfahren, weiterzufahren
  • Infinitief II: weitergefahren sein, weitergefahren zu sein
  • Tegenwoordig deelwoord: weiterfahrend
  • Participle II: weitergefahren

Opmerkingen



Inloggen

* De definities zijn deels afkomstig van Wiktionary (de.wiktionary.org) en kunnen achteraf zijn gewijzigd. Ze zijn vrij beschikbaar onder de CC-BY-SA 3.0 (creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0) licentie: 370711