Vervoeging van het Duitse werkwoord rumgehen ⟨Procespassief⟩

De vervoeging van het werkwoord rumgehen (ronddolen, rondgaan) is onregelmatig. De basisvormen zijn wird rumgegangen, wurde rumgegangen en ist rumgegangen worden. De ablaut vindt plaats met de stamklinkers e - i - a. Het hulpwerkwoord van rumgehen is "sein". De eerste lettergreep rum- van rumgehen is scheidbaar. De verbuiging vindt plaats in het Procespassief en wordt gebruikt als Hoofdzin. Voor een beter begrip zijn talloze voorbeelden van het werkwoord rumgehen beschikbaar. Voor oefenen en consolidatie zijn er ook gratis werkbladen voor rumgehen. Je kunt niet alleen rumgehen vervoegen, maar ook alle Duitse werkwoorden. Opmerkingen

onregelmatig · sein · scheidbaar

rum·gegangen werden

wird rumgegangen · wurde rumgegangen · ist rumgegangen worden

 Verlies van -e na een klinker   Verandering van de stamklinker  e - i - a   Medeklinkerverandering  ng - ng - ng 

Engels move around, wander

/ˈʁʊmɡeːən/ · /ɡeːt ʁʊm/ · /ɡɪŋ ʁʊm/ · /ˈɡɪŋə ʁʊm/ · /ˈʁʊmɡəˈɡaŋən/

sich im Kreis bewegen

De eenvoudig vervoegde werkwoordsvormen in de tegenwoordige, verleden, gebiedende en aanvoegende wijs van rumgehen

Tegenwoordige tijd

ich werde rumgegangen
du wirst rumgegangen
er wird rumgegangen
wir werden rumgegangen
ihr werdet rumgegangen
sie werden rumgegangen

Onvoltooid verleden tijd

ich wurde rumgegangen
du wurdest rumgegangen
er wurde rumgegangen
wir wurden rumgegangen
ihr wurdet rumgegangen
sie wurden rumgegangen

Imperatief

-
-
-
-
-
-

Konjunktief I

ich werde rumgegangen
du werdest rumgegangen
er werde rumgegangen
wir werden rumgegangen
ihr werdet rumgegangen
sie werden rumgegangen

Konjunktief II

ich würde rumgegangen
du würdest rumgegangen
er würde rumgegangen
wir würden rumgegangen
ihr würdet rumgegangen
sie würden rumgegangen

Infinitief

rumgegangen werden
rumgegangen zu werden

Deelwoord

rumgegangen werdend
rumgegangen worden

indicatief

Het werkwoord rumgehen vervoegd in de aantonende wijs Procespassief in de tijden tegenwoordige, verleden en toekomende tijd


Tegenwoordige tijd

ich werde rumgegangen
du wirst rumgegangen
er wird rumgegangen
wir werden rumgegangen
ihr werdet rumgegangen
sie werden rumgegangen

Onvoltooid verleden tijd

ich wurde rumgegangen
du wurdest rumgegangen
er wurde rumgegangen
wir wurden rumgegangen
ihr wurdet rumgegangen
sie wurden rumgegangen

Perfectum

ich bin rumgegangen worden
du bist rumgegangen worden
er ist rumgegangen worden
wir sind rumgegangen worden
ihr seid rumgegangen worden
sie sind rumgegangen worden

Volt. verl. tijd

ich war rumgegangen worden
du warst rumgegangen worden
er war rumgegangen worden
wir waren rumgegangen worden
ihr wart rumgegangen worden
sie waren rumgegangen worden

Toekomende tijd I

ich werde rumgegangen werden
du wirst rumgegangen werden
er wird rumgegangen werden
wir werden rumgegangen werden
ihr werdet rumgegangen werden
sie werden rumgegangen werden

voltooid tegenwoordige toekomende tijd

ich werde rumgegangen worden sein
du wirst rumgegangen worden sein
er wird rumgegangen worden sein
wir werden rumgegangen worden sein
ihr werdet rumgegangen worden sein
sie werden rumgegangen worden sein

Conjunctief

De vervoeging van het werkwoord rumgehen in de conjunctief I en II en in de tijden tegenwoordige tijd, verleden tijd, perfectum, plusquamperfectum en toekomende tijd.


Konjunktief I

ich werde rumgegangen
du werdest rumgegangen
er werde rumgegangen
wir werden rumgegangen
ihr werdet rumgegangen
sie werden rumgegangen

Konjunktief II

ich würde rumgegangen
du würdest rumgegangen
er würde rumgegangen
wir würden rumgegangen
ihr würdet rumgegangen
sie würden rumgegangen

Voltooid Konj.

ich sei rumgegangen worden
du seiest rumgegangen worden
er sei rumgegangen worden
wir seien rumgegangen worden
ihr seiet rumgegangen worden
sie seien rumgegangen worden

Konj. volt. verl. t.

ich wäre rumgegangen worden
du wärest rumgegangen worden
er wäre rumgegangen worden
wir wären rumgegangen worden
ihr wäret rumgegangen worden
sie wären rumgegangen worden

Toekomende aanvoegende wijs I

ich werde rumgegangen werden
du werdest rumgegangen werden
er werde rumgegangen werden
wir werden rumgegangen werden
ihr werdet rumgegangen werden
sie werden rumgegangen werden

Toek. volt. aanw.

ich werde rumgegangen worden sein
du werdest rumgegangen worden sein
er werde rumgegangen worden sein
wir werden rumgegangen worden sein
ihr werdet rumgegangen worden sein
sie werden rumgegangen worden sein

Voorwaardelijke wijs II (würde)

Vervangende vormen van de Konjunktiv II worden vervoegd met "würde" als persoonsvorm.


Conjunctief II

ich würde rumgegangen werden
du würdest rumgegangen werden
er würde rumgegangen werden
wir würden rumgegangen werden
ihr würdet rumgegangen werden
sie würden rumgegangen werden

Verleden cond.

ich würde rumgegangen worden sein
du würdest rumgegangen worden sein
er würde rumgegangen worden sein
wir würden rumgegangen worden sein
ihr würdet rumgegangen worden sein
sie würden rumgegangen worden sein

Imperatief

De vervoegingsvormen in de gebiedende wijs Procespassief tegenwoordige tijd voor het werkwoord rumgehen


Tegenwoordige tijd

-
-
-
-

Infinitief/Deelwoord

De infinitieve vormen deelwoord en infinitief (met 'zu') in Procespassief voor rumgehen


Infinitief I


rumgegangen werden
rumgegangen zu werden

Infinitief II


rumgegangen worden sein
rumgegangen worden zu sein

Tegenwoordig deelwoord


rumgegangen werdend

Participle II


rumgegangen worden

Vertalingen

Vertalingen van het Duitse rumgehen


Duits rumgehen
Engels move around, wander
Russisch блуждать, ходить кругом
Spaans circular, dar vueltas
Frans circuler, tourner
Turks dolaşmak, dönmek
Portugees circular
Italiaans circolare, girare
Roemeens se plimba în cerc
Hongaars körbejár
Pools krążyć, krążyć wokół
Grieks περπατώ γύρω
Nederlands ronddolen, rondgaan
Tsjechisch kroužit, obcházet
Zweeds gå runt, vandra
Deens vandre rundt
Japans 回る, 巡る
Catalaans moure's en cercle
Fins kierrellä, kiertää
Noors gå i sirkel, sirkulere
Baskisch zirkulatu
Servisch kretati se u krug
Macedonisch шетање во круг
Sloveens krožno gibanje
Slowaaks krúžiť, obchádzať
Bosnisch kretati se u krug
Kroatisch kretati se u krug
Oekraïens кружляти, ходити по колу
Bulgaars обикалям, разхождам се
Wit-Russisch абарачацца, круціцца
Indonesisch berkeliling, berputar
Vietnamees xoay vòng, đi vòng quanh
Oezbeeks aylanmoq
Hindi घूमना, चक्कर लगाना
Chinees 绕圈, 转圈
Thais วน, เดินวน
Koreaans 돌다, 빙빙 돌다
Azerbeidzjaans dönmək, fırlanmaq
Georgisch ტრიალება
Bengaals ঘোরা
Albanees rrotullohem
Marathi फिरणे, फेरी मारणे
Nepalees घुम्नु, चक्कर लगाउनु
Telugu తిరుగు
Lets griezties, riņķot
Tamil சுற்று
Ests ringi käima, tiirutama
Armeens պտտվել
Koerdisch zivirîn
Hebreeuwsלהסתובב
Arabischالتجول، الدوران
Perzischچرخیدن
Urduچکر لگانا، گھومنا

rumgehen in dict.cc


Vertalingen 

Doe mee


Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.



Inloggen

Alle helden 

Definities

Betekenissen en synoniemen van rumgehen

  • sich im Kreis bewegen

rumgehen in openthesaurus.de

Betekenissen  Synoniemen 

Verbuigingsregels

Gedetailleerde regels voor vervoeging

Woordenboeken

Alle vertaalwoordenboeken

Duitse werkwoord rumgehen vervoegen

Overzicht van alle tijden van het werkwoord rumgehen


De vervoeging van het werkwoord rum·gegangen werden wordt online overzichtelijk weergegeven in een werkwoordschema met alle vormen in enkelvoud en meervoud, en in alle personen (1e, 2e, 3e persoon). De verbuiging van het werkwoord rum·gegangen werden is dus een hulpmiddel voor huiswerk, toetsen, examens, Duitse les op school, Duits leren, studie en volwasseneneducatie. Vooral voor mensen die Duits leren is het belangrijk om de juiste vervoeging en de correcte vormen (wird rumgegangen - wurde rumgegangen - ist rumgegangen worden) te kennen. Meer informatie vind je op Wiktionary rumgehen en op rumgehen in de Duden.

rumgehen vervoeging

Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Conjunctief I Conjunctief II Imperatief
ich werde rumgegangenwurde rumgegangenwerde rumgegangenwürde rumgegangen-
du wirst rumgegangenwurdest rumgegangenwerdest rumgegangenwürdest rumgegangen-
er wird rumgegangenwurde rumgegangenwerde rumgegangenwürde rumgegangen-
wir werden rumgegangenwurden rumgegangenwerden rumgegangenwürden rumgegangen-
ihr werdet rumgegangenwurdet rumgegangenwerdet rumgegangenwürdet rumgegangen-
sie werden rumgegangenwurden rumgegangenwerden rumgegangenwürden rumgegangen-

indicatief Procespassief

  • Tegenwoordige tijd: ich werde rumgegangen, du wirst rumgegangen, er wird rumgegangen, wir werden rumgegangen, ihr werdet rumgegangen, sie werden rumgegangen
  • Onvoltooid verleden tijd: ich wurde rumgegangen, du wurdest rumgegangen, er wurde rumgegangen, wir wurden rumgegangen, ihr wurdet rumgegangen, sie wurden rumgegangen
  • Perfectum: ich bin rumgegangen worden, du bist rumgegangen worden, er ist rumgegangen worden, wir sind rumgegangen worden, ihr seid rumgegangen worden, sie sind rumgegangen worden
  • Voltooid verleden tijd: ich war rumgegangen worden, du warst rumgegangen worden, er war rumgegangen worden, wir waren rumgegangen worden, ihr wart rumgegangen worden, sie waren rumgegangen worden
  • Toekomende tijd I: ich werde rumgegangen werden, du wirst rumgegangen werden, er wird rumgegangen werden, wir werden rumgegangen werden, ihr werdet rumgegangen werden, sie werden rumgegangen werden
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde rumgegangen worden sein, du wirst rumgegangen worden sein, er wird rumgegangen worden sein, wir werden rumgegangen worden sein, ihr werdet rumgegangen worden sein, sie werden rumgegangen worden sein

Conjunctief Procespassief

  • Tegenwoordige tijd: ich werde rumgegangen, du werdest rumgegangen, er werde rumgegangen, wir werden rumgegangen, ihr werdet rumgegangen, sie werden rumgegangen
  • Onvoltooid verleden tijd: ich würde rumgegangen, du würdest rumgegangen, er würde rumgegangen, wir würden rumgegangen, ihr würdet rumgegangen, sie würden rumgegangen
  • Perfectum: ich sei rumgegangen worden, du seiest rumgegangen worden, er sei rumgegangen worden, wir seien rumgegangen worden, ihr seiet rumgegangen worden, sie seien rumgegangen worden
  • Voltooid verleden tijd: ich wäre rumgegangen worden, du wärest rumgegangen worden, er wäre rumgegangen worden, wir wären rumgegangen worden, ihr wäret rumgegangen worden, sie wären rumgegangen worden
  • Toekomende tijd I: ich werde rumgegangen werden, du werdest rumgegangen werden, er werde rumgegangen werden, wir werden rumgegangen werden, ihr werdet rumgegangen werden, sie werden rumgegangen werden
  • voltooid tegenwoordige toekomende tijd: ich werde rumgegangen worden sein, du werdest rumgegangen worden sein, er werde rumgegangen worden sein, wir werden rumgegangen worden sein, ihr werdet rumgegangen worden sein, sie werden rumgegangen worden sein

Voorwaardelijke wijs II (würde) Procespassief

  • Onvoltooid verleden tijd: ich würde rumgegangen werden, du würdest rumgegangen werden, er würde rumgegangen werden, wir würden rumgegangen werden, ihr würdet rumgegangen werden, sie würden rumgegangen werden
  • Voltooid verleden tijd: ich würde rumgegangen worden sein, du würdest rumgegangen worden sein, er würde rumgegangen worden sein, wir würden rumgegangen worden sein, ihr würdet rumgegangen worden sein, sie würden rumgegangen worden sein

Imperatief Procespassief

  • Tegenwoordige tijd: -, -, -, -

Infinitief/Deelwoord Procespassief

  • Infinitief I: rumgegangen werden, rumgegangen zu werden
  • Infinitief II: rumgegangen worden sein, rumgegangen worden zu sein
  • Tegenwoordig deelwoord: rumgegangen werdend
  • Participle II: rumgegangen worden

Opmerkingen



Inloggen