Infinitief van het Duitse werkwoord umstürzen (hat) 〈statief passief〉 〈Bijzin〉
De vervoeging van umstürzen in Infinitief Tegenwoordige tijd Perfectum basisvorm statief passief is: umgestürzt sein, umgestürzt zu sein.De vorming van deze vormen volgt bepaalde grammaticale regels. Dit geldt ook voor de vereisten voor de vervoeging van de eenvoudige werkwoordsvormen van umstürzen in Infinitief. Opmerkingen ☆
regelmatig · haben · scheidbaar
Werkwoordschema Verbuigingsregels
- Vorming van Tegenwoordige tijd van umstürzen
- Vorming van Onvoltooid verleden tijd van umstürzen
- Vorming van Imperatief van umstürzen
- Vorming van Konjunktiv I van umstürzen
- Vorming van Konjunktiv II van umstürzen
- Vorming van Infinitief van umstürzen
- Vorming van Deelwoord van umstürzen
- Hoe vervoeg je werkwoorden in het Duits?
Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Imperatief Conjunctief I Conjunctief II Infinitief Deelwoord
Verdere regels voor de vervoeging van umstürzen
- Hoe vervoeg je umstürzen in Tegenwoordige tijd?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Onvoltooid verleden tijd?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Imperatief?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Konjunktiv I?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Konjunktiv II?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Infinitief?
- Hoe vervoeg je umstürzen in Deelwoord?
- Hoe vervoeg je werkwoorden in het Duits?
Tegenwoordige tijd Onvoltooid verleden tijd Imperatief Conjunctief I Conjunctief II Infinitief Deelwoord
Vertalingen
Vertalingen van het Duitse umstürzen (hat)
-
umstürzen (hat)
overturn, upend, cant over, overthrow, subvert, tip over, topple, upset
опрокидывать, свергнуть, валиться, изменить, опрокидываться, опрокинуть, опрокинуться, перевернуть
cambiar, tumbar, volcar, aterrar, derribar, derrocar, derrumbar, destruir
renverser, basculer, bousculer, bouleverser, culbuter, faire tomber, subvertir
devirmek, altüst etmek, yıkmak
derrubar, virar, deitar abaixo, desmantelar, despenhar, inverter, subverter
rovesciare, sconvolgere, cambiare, capovolgere, sovvertire
răsturna, schimba, întoarce
megdönt, felbillenteni, felborulni, felborítani, feldönt, lerombol, megváltoztat
obalić, burzyć, przewrócić, zburzyć, dokonać przewrotu, dokonywać przewrotu, obalać, obrócić
ανατρέπω, ανατροπή, ανατροπή συστήματος
omverwerpen, kantelen, omgooien, omkeren, omvallen, omvergooien, omverhalen, veranderen
převrátit, zrušit, převracet, převracetvrátit, převrhovat, převrhovathnout, převrácení, rušit
kasta om, kasta omkull, omstörta, omvälva, slå omkull, stjälpa, störta, välta
vælte, kaste omkuld, omstyrte, ændre
ひっくり返す, 倒す, 変革, 崩壊, 転覆
canviar, caure, derrocar, invertir, volcar
kaataa, kumota, mullistaa
endre, kaste, kaste om, tippe, velte
bota, irauli, ordena aldatu, sistema aldatu
prevrnuti, okrenuti, promeniti, srušiti
обрт, превртување, преместување, преуредување
prevrniti, omesti, prevrniti se, spremeniti
prevrátiť, preklopiť, prevrhnúť, zmeniť
okrenuti, preokrenuti, prevrnuti, promijeniti, srušiti
okrenuti, preokrenuti, prevrnuti, srušiti
перевернути, звалити, змінити, повалити, порушити, упасти
обръщам, превръщам, преобръщам, развалям, размествам, свалям
зварот, змяняць, парадак, перакуліць, сістэма, упадаць
membalikkan, menjatuhkan
lật, lật đổ
tortib tashlamoq, tushirib yubormoq
उलटना
倒下, 推翻, 翻倒
คว่ำ, ล้มลง, ล้มล้าง
넘어지다, 뒤집다, 전복하다
devirmək, devrilmək
გატრიალება, დამხობა
উল্টানো, পদচ্যুত করা
rrëzoj
उलटणे, पदच्युत करणे
उल्टनु, पदच्युत गर्नु
తిరగడం, తొలగించడం
apgāzt, nogāzt
அரசை மாற்றுதல், திருப்பி விடு
tagandama, ümber kukkuma
թեքել, հեղաշրջել
qedandin, wergerandin
להפוך، להפיל، למוטט، לשנות
قلب، أسقط، إسقاط، انقلب، تغيير
افتادن، برعکس کردن، برهم زدن، تغییر دادن، سرنگون کردن
الٹنا، ترتیب بدلنا، نظام تبدیل کرنا، پھینکنا، گرانا
umstürzen (hat) in dict.cc
Vertalingen
Doe mee
Help ons en word een held door nieuwe inzendingen toe te voegen en bestaande te beoordelen. Als dank kun je deze website zonder advertenties gebruiken zodra je een bepaald aantal punten hebt behaald.
|
|
Inloggen |
Werkwoordsvormen in Infinitief van umstürzen (hat)
Het werkwoord umstürzen (hat) is volledig vervoegd in alle personen en getallen in de Infinitief Tegenwoordige tijd Perfectum
Infinitief Tegenwoordige tijd Perfectumbasisvorm
- ... ich umgestürzt gewesen sein würde (1e persoonEnkelvoud)
- ... du umgestürzt gewesen sein würdest (2e persoonEnkelvoud)
- ... er umgestürzt gewesen sein würde (3e persoonEnkelvoud)
- ... wir umgestürzt gewesen sein würden (1e persoonMeervoud)
- ... ihr umgestürzt gewesen sein würdet (2e persoonMeervoud)
- ... sie umgestürzt gewesen sein würden (3e persoonMeervoud)